Sluiting kerncentrales en klimaatdoelstellingen gaan hand in hand

Voorstanders van kernenergie maken handig gebruik van de actuele discussies over klimaatverandering om kernenergie voor te stellen als een oplossing voor het klimaatprobleem. Een sluiting van de kerncentrales en de aanpak van de klimaatverandering gaan echter hand in hand. We kunnen perfect onze klimaatdoelstellingen halen én de kerncentrales sluiten zoals voorzien in de wet op de kernuitstap.

In tegenstelling tot wat de voorstanders van kernenergie ons willen doen geloven, is kernenergie op wereldschaal bekeken een marginale energiebron. Kernenergie levert slechts 5% van het wereldwijde primaire energieverbruik. Het totaal aantal centrales zou al onwaarschijnlijk spectaculair moeten stijgen, wil kernenergie een wezenlijk verschil maken om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen . Om de globale CO2-uitstoot tegen 2050 met amper 6% te laten dalen moet het huidig aantal van 436 commerciële kernreactoren verviervoudigd worden. Dit is veel te laat en veel te weinig. Bovendien is dit onrealistisch als we zien dat de kostprijs van een enkele nieuwe kernreactor meer dan 5 miljard euro bedraagt.

 

Beperkt aandeel in de CO2-uitstoot

Om het werkelijke belang van de eventuele bijdrage van kernenergie in het bestrijden van het broeikaseffect in te schatten, is het noodzakelijk te beseffen dat kernenergie alleen een impact heeft op het terugdringen van de CO2-uitstoot in de sector van de elektriciteitsopwekking. Deze is in ons land verantwoordelijk voor ca. 20% (2007) van de totale CO2-uitstoot. Kernenergie heeft dus geen impact op de noodzakelijke vermindering van de broeikasgasuitstoot in de transportsector, de industrie, de landbouw en de gebouwen, die samen goed zijn voor ongeveer 80% van de totale uitstoot van ons land.  Al valt het aandeel van de elektriciteitssector niet te verwaarlozen, kernenergie voorstellen als een centraal element in de strijd tegen de klimaatverandering doet afbreuk aan de realiteit.

 

Kernuitstap staat klimaatdoelstellingen niet in de weg

Dat een uitstap uit de kernenergie, het behalen van de klimaatdoelstellingen niet in de weg staat, wordt aangetoond door verscheidene studies.

  • Het gerenommeerde Fraunhofer Instituut becijferde al in 2003 dat België zijn klimaatdoelstellingen kan behalen en overstijgen mét een uitvoering van de kernuitstap, enkel en alleen door de energiebesparingsmaatregelen van de buurlanden ook in ons land uit te voeren. Het sleutelelement in de strijd tegen de klimaatverandering is energiebesparing. En daar wringt in ons land het schoentje. België is één van de grootste energieslokoppen van Europa. Ons land heeft dan ook dringend nood aan een gecoördineerd en onderbouwd energie- en klimaatbeleid.
  • Een studie van het Federaal Planbureau uit 2008 ter ondersteuning van het Belgische klimaatbeleid na 2012  leert dat de kernuitstap ons land niet in de problemen zal brengen. Deze studie bevatte scenarioanalyses over de gevolgen voor de Belgische economie van het opleggen van verschillende CO2-emissiereductiedoelstellingen op het Europees niveau. In deze scenario’s werd rekening gehouden met de sluiting van de Belgische kerncentrales tussen 2015 en 2025.Voor de tijdshorizon 2020 werden een aantal macro-economische gevolgen (zoals werkgelegenheid en overheidsfinanciën) geanalyseerd. Deze analyse leerde dat het met een uitvoering van de wet op de kernuitstap mogelijk is om emissiereductiedoelstellingen van 15 tot 30% te halen, terwijl de impact op het Belgische bbp verwaarloosbaar zou zijn (-0,06% tot +0,3% van het bbp in 2020).
  • Ook een recente studie van Apere, Les Amis de la terre, Grappe en Nature et Progrès Belgique toont aan dat we de oudste kerncentrales perfect kunnen sluiten in 2015 en onze klimaatdoelstellingen kunnen halen door volop de kaart te trekken van hernieuwbare energie en energiebesparing. Dit was ook al de conclusie van een studie van Greenpeace uit 2006.

 

Kernenergie is niet compatibel met hernieuwbare energie

Iedereen is het erover eens dat de verdere uitbouw van hernieuwbare energie essentieel is in de aanpak van de klimaatverandering. Willen we hernieuwbare energie verder laten groeien, dan staat kernenergie in de weg. Kerncentrales zijn zeer onflexibel en krijgen daardoor voorrang op andere energiebronnen om de constante vraag naar elektriciteit te dekken. Eens hernieuwbare energie op kruissnelheid komt, denk maar aan de offshore windenergie bijvoorbeeld, dreigt men deze energie niet kwijt te geraken aan het net omdat dit “bezet” wordt door kernenergie.

In de recente studie “Battle of the grids”  illustreert Greenpeace de problemen die kunnen ontstaan door de incompabiliteit tussen onflexibele kerncentrales en windenergie. Momenteel worden windturbines al regelmatig uitgeschakeld tijdens periodes waarin veel elektriciteit wordt geleverd om voorrang te geven aan nucleaire of steenkoolcentrales omdat deze centrales zeer moeilijk kunnen afgeschakeld worden. Greenpeace pleit dan ook voor het zo snel mogelijk afbouwen van kernenergie en steenkoolcentrales. Regelbare, hernieuwbare energie moet voorrang krijgen op de Europese netwerken, en er moet gezorgd worden voor goede onderlinge verbindingen tussen landen, zodat overschot kan worden geëxporteerd naar andere gebieden. Gascentrales, die in tegenstelling tot kerncentrales wel goed regelbaar zijn, moeten aanvankelijk het grootste deel van de niet-hernieuwbare elektriciteit leveren en dienen als een flexibele reserve voor wind- en zonne-energie.

Omdat ons land nog maar een beperkt aandeel hernieuwbare energie heeft, is er momenteel nog geen conflict tussen hernieuwbare energie en kernenergie. Maar, willen we ons inschrijven in een toekomst met echt groene en CO2-vrije hernieuwbare energie, dan zullen er ook hier keuzes moeten gemaakt worden.

 

Kernenergie is niet CO2 neutraal

Bovendien is kernenergie geen CO2-neutrale energiebron. Bij het kernsplijtingsproces in een kernreactor wordt inderdaad geen CO2 uitgestoten maar in andere, onlosmakelijk met kernenergie verbonden schakels van de nucleaire keten wordt wel CO2 geloosd en geproduceerd. Dit is voornamelijk het geval bij de ontginning, het transport en de behandeling van uranium, de chemische transformatie van het uraniumerts in uraniumhexafluoride, het verrijkingsproces van uranium en de opwerking van de gebruikte kernbrandstof. Indien de we de CO2-uitstoot veroorzaakt tijdens de winning van uranium meerekenen, dan bedraagt de uitstoot van een kerncentrale ongeveer 30 procent van een gasgestookte centrale (Storm van Leeuwen en Smith, 2004). In de toekomst zal dit percentage nog stijgen omdat de gemakkelijk te delven uranium uitgeput raakt.

 

Kernenergie kan niet tegen klimaatverandering

De energiebron die ons volgens sommigen moet redden van de klimaatverandering, kan zelf niet tegen de warmte van die klimaatverandering. Dit werd duidelijk geïllustreerd in 2009, toen als gevolg van een hittegolf 20 van de 63 GW nucleaire capaciteit in Frankrijk buiten dienst moest gesteld worden. Daardoor moest Frankrijk stroom invoeren vanuit Engeland.

De meeste Franse kerncentrales staan in het binnenland, en gebruiken rivierwater voor hun koeling. Tijdens een hittegolf is dat water te warm, en krijgen de uitbaters van de kerncentrales de centrales niet koel genoeg, zodat ze een tandje lager moeten schakelen. De technologie, die ons volgens sommigen moet redden van de stijgende temperaturen, moet dus de duimen leggen bij precies de temperaturen die ze moet helpen voorkomen. Dat dreigt voor heel wat problemen te zorgen, aangezien de modellen een grotere kans op hittegolven aangeven voor onze contreien. In België zou in 2050 een op de twee zomers van het kaliber van die van 2003 zijn. Ook in België is de koeling van de centrales van Tihange en Doel een probleem als de temperaturen van het rivierwater te hoog oplopen en heeft Electrabel de productie al moeten terugdraaien bij hittegolven.